Zoek Schilder

Posts tonen met het label schilderij. Alle posts tonen
Posts tonen met het label schilderij. Alle posts tonen

dinsdag 26 november 2019

Bloemstilleven specialisten

Van de 17de tot in de 19de eeuw waren vele specialisten in de Nederlanden werkzaam in het populaire genre van de bloemschilderkunst. In het laatste kwart van de 19de eeuw begonnen ook modernistisch gerichte kunstenaars als Vincent van Gogh bloemen en bloemstillevens te schilderen. In de eerste helft van de 20ste eeuw werd het thema zelfs geliefd bij kunstenaars die in de abstracte richting werkten, zoals Piet Mondriaan en Bart van der Leck. In het boek wordt duidelijk dat in de periode tussen circa 1870 en 1940 niet langer alleen ‘traditionele’ bloemstukken werden gemaakt, dat wil zeggen schilderijen met daarop als hoofdthema zorgvuldig geschikte bloemen in een vaas. Bloemen gaan juist ook meer in algemene zin een uitgesproken rol spelen in stillevens, portretten of interieurs. Een aparte categorie vormen schilderijen van tuinen, bloemrijke paradijzen, niet zelden aangelegd door de kunstenaar zelf.
Bloemschilderkunst uit Nederland en België, 1870-1940 toont de circa negentig werken van onder andere Gestel, Sluijters, Permeke, Ensor, Toorop en Ket in kleur.
Van de 17de tot in de 19de eeuw waren vele specialisten in de Nederlanden werkzaam in het populaire genre van de bloemschilderkunst. In het laatste kwart van de 19de eeuw begonnen ook modernistisch gerichte kunstenaars als Vincent van Gogh bloemen en bloemstillevens te schilderen. In de eerste helft van de 20ste eeuw werd het thema zelfs geliefd bij kunstenaars die in de abstracte richting werkten, zoals Piet Mondriaan en Bart van der Leck. In het boek wordt duidelijk dat in de periode tussen circa 1870 en 1940 niet langer alleen ‘traditionele’ bloemstukken werden gemaakt, dat wil zeggen schilderijen met daarop als hoofdthema zorgvuldig geschikte bloemen in een vaas. Bloemen gaan juist ook meer in algemene zin een uitgesproken rol spelen in stillevens, portretten of interieurs. Een aparte categorie vormen schilderijen van tuinen, bloemrijke paradijzen, niet zelden aangelegd door de kunstenaar zelf.Bloemschilderkunst uit Nederland en België, 1870-1940 toont de circa negentig werken van onder andere Gestel, Sluijters, Permeke, Ensor, Toorop en Ket in kleur.
Jan Davidsz. de Heem: Stilleven met bloemen in een glazen vaas
Datum tussen 1650 en 1683
VINCENT VAN GOGH (1853 - 1890)
Stilleven met akkerbloemen en rozen, 1886-1887

vrijdag 1 december 2017

Frans Hoos (1884-1966)

Frans Simon Hoos Den Haag 1884-1966
Tot 1910 werkzaam in Den Haag, daarna Brussel, Voorburg, Nancy en Namen.

Frans Simon Hoos (Frans) werd op 18 december 1884 in Den Haag geboren. Hier overleed hij ook op 13 december 1966. Tot 1910 woonde en werkte Hoos in Den Haag, waarna hij naar Brussel vertrok. Vervolgens keerde hij weer terug naar Den Haag en volgden Voorburg, Nancy en Namen.

Frans Hoos vormde zich zelf. Hij stond aanvankelijk onder invloed van Willem de Zwart en van H.G. Breitner. Hoos schilderde in de trant van de Haagse School landschappen, stadsgezichten, stillevens en portretten en was bij zijn leven een bekend Haags kunstenaar.

In 1953 werd hij in een uitwisselingsprogramma drie maanden uitgezonden naar Frankrijk.Na zijn terugkeer in Nederland werden zijn werken, tezamen met die van andere naar Frankrijk uitgezonden schilders, in Pulchri Studio tentoongesteld. In maart 1954, koos naar aanleiding van deze tentoonstelling, de Touringclub de France , een selectie werken uit, waaronder dat van Frans Hoos.Werk van Frans Hoos bevindt zich o.a. in de collectie van het Haags Gemeentemuseum.
In 1999 werd een werk van Frans Hoos ontdekt in een galerie in Doesburg. Bij nadere bestudering ging het om een gezicht op de Hervormde kerk in Nootdorp, gemaakt tussen waarschijnlijk 1910 en 1920. De raadscommissie culturele zaken adviseerde positief , waarna de gemeenste Nootdorp het schilderij voor 2650 gulden aankocht. Met de aankoop, zo meende de gemeente Nootdorp, deed de gemeente een goede investering. De waarde van werk van Frans Hoos stijgt alleen maar. 

Bron; Westlandsche courant 08.10.99 





Handtekening ondertekening, autogram, signatuur of informeel poot, krabbel

Een handtekening 

(ook: ondertekening, autogram, signatuur of informeel poot, krabbel) is de met de hand geschreven naam die iemand plaatst onderaan een brief of document. Een verkorte handtekening heet paraaf. In sommige gevallen wordt daarmee volstaan. Een handtekening heeft twee functies. Ten eerste wordt iemands identiteit ermee vastgesteld. Ten tweede dient het ter vaststelling van de wil van de desbetreffende persoon met betrekking tot de bovenstaande tekst. Met het zetten van de handtekening zegt men als het ware: "Hier ben ik, en hier ben ik het mee eens". Een handtekening is vooral van belang wanneer de tekst door een ander (een secretaris) of met een schrijfmachine - tegenwoordig met een tekstverwerker - is geschreven. Immers, als de hele tekst met de hand is geschreven door degene die het document ondertekent, dan is zijn handschrift eigenlijk al voldoende. Bij sommige brieven is het dan ook gewenst dat niet alleen de handtekening maar ook de slotregel (met de afscheidsgroet) met de hand geschreven zijn. Dit gebruik is al heel oud. De apostel Paulus dicteerde zijn brieven meestal aan een ander (wellicht omdat hij zelf geen ervaren schrijver was), maar schreef wel zelf de slottekst. Zie onder andere Romeinen 16:21 en vooral 2 Thessalonicenzen 3:17, waarin de apostel de aandacht vestigt op zijn eigen handschrift. Daarbij moet overigens worden opgemerkt dat de originele manuscripten niet bewaard zijn gebleven en dat wij alleen beschikken over afschriften in een ander handschrift.  

 
Inhoud
1 Uiterlijk
 2 Juridisch belang
3 Tekenen voor kennisgeving
 4 Zegel
5 Elektronische handtekening
 6 Valse handtekening
7 Gebruiken rond handtekeningen
8 Trivia

Uiterlijk 
De handtekening evolueert bij de meeste geletterde mensen tijdens de schooltijd uit de handgeschreven naam (ongeletterden zetten vaak een X). De naam wordt steeds sneller geschreven waarbij deze vaak steeds moeilijker als naam is te herkennen. Uiteindelijk lijkt de naam inderdaad meer op een krabbel, krul of hanenpoot. Het grote voordeel is echter dat een handtekening hierdoor wel uniek en vaak ook moeilijk na te maken is. En dat maakt hem nou juist zo geschikt voor bovengenoemde functies.

Juridisch belang 
De handtekening geeft aan dat men de inhoud van de tekst kent en het ermee eens is. Dit is vooral van belang bij documenten die niet met de hand geschreven zijn, zoals overschrijvingen en contracten. Om die reden is het ook gebruikelijk in veel landen contracten op iedere pagina te paraferen, en soms ook de tekst "GELEZEN EN AKKOORD" of iets in die strekking met de hand boven de handtekening te schrijven. Op zich vereist het recht geen handtekening voor een geldige overeenkomst, aangezien overeenkomsten vormvrij zijn. Het is echter wel de meest gebruikelijke manier van contracteren, en bij het ontbreken van een handtekening onder een contract zal het erg moeilijk zijn voor een rechter te bewijzen dat er een overeenkomst is. Immers, voor hetzelfde geld kan in zo'n geval het contract opgesteld zijn geweest zonder het aan de "wederpartij" voor te leggen. Tegenwoordig komen wel alternatieven voor papieren handtekeningen in zwang, zoals elektronische handtekeningen, en koop via de telefoon en internet. Ook hier moet de procedure echter ertoe leiden dat ondubbelzinnig duidelijk wordt dat de persoon in kwestie inderdaad akkoord is gegaan, en dat dat akkoord ook daadwerkelijk van die persoon afkomstig is. Organisaties sluiten contracten door hun bevoegde vertegenwoordigers (meestal de directeuren) te laten tekenen. Wie hiertoe bevoegd is dient te worden vermeld in het handelsregister. Vaak wordt naast of over de handtekening ook een stempel geplaatst met de naam en functie van de ondertekenaar. Aanvraagformulieren worden meestal door banken, bedrijven of overheden alleen in behandeling genomen wanneer ze zijn getekend door de aanvrager. Indien meerdere personen hun handtekening op een document zetten, is het de gewoonte om ze naast elkaar te plaatsen. Indien hier echter te weinig plaats is kan dit in twee of meer rijen worden gedaan. De persoon wiens handtekening rechtsonder staat heeft de meeste rechten. Dit komt doordat in onze streken van boven naar onder en van links naar rechts wordt gelezen. De persoon wiens handtekening rechtsonder komt is bijgevolg diegene die als laatste het document moet ondertekenen en bijgevolg de meeste macht heeft.

Tekenen voor kennisgeving 
Het is mogelijk een document te ondertekenen zonder ermee akkoord te gaan. Dit kan gewenst zijn wanneer men slechts wil aangeven het document gezien te hebben, of wanneer men wil aantonen het ten minste aan de betreffende persoon te hebben voorgelegd. Een werknemer die het niet eens is met een slechte beoordeling en deze wil aanvechten kan dit bijvoorbeeld doen, zodat men hem later niet kan tegenwerpen dat hij het ermee eens was, maar het aan de andere kant wel duidelijk is dat de beoordeling gegeven is. Men tekent dan vergezeld van de tekst "VOOR GELEZEN", "GEZIEN" of expliciet "NIET AKKOORD".

Zegel 
Voordat in de 16e eeuw geleidelijk aan handtekeningen in gebruik kwamen, werd de authenticiteit van een document gewaarborgd door middel van een zegel. Tegenwoordig worden sommige oorkonden of verenigingsbullen nog weleens voorzien van een echt of gefingeerd lakzegel al dan niet met lint. In sommige landen (bijvoorbeeld de Verenigde Staten) is het nog steeds gebruikelijk dat organisaties zegels gebruiken om hun correspondentie en contracten mee af te stempelen.

Elektronische handtekening 
Voor elektronische documenten kan ook een elektronische handtekening gebruikt worden om aan te tonen dat de schrijver de genoemde persoon is. Bij het doen van een belastingaangifte met de computer gebruikt de belastingdienst zo'n elektronische handtekening in plaats van een gewone handtekening. Een elektronische handtekening is pas van kracht, nadat de gebruiker hem via een formulier met zijn gewone handtekening heeft bekrachtigd.

Valse handtekening
Het is mogelijk dat iemand om wat voor reden dan ook een handtekening vervalst. Wanneer dit vermoed wordt, kan men achterhalen of iemand een echte of valse handtekening plaatst door hem tien of meer keer achter elkaar zijn handtekening te laten zetten. Valse handtekeningen gaan na verloop van tijd afwijken, echte meestal niet. Zie nevenstaande afbeelding van echte en valse handtekeningen van de schilder en kunstvervalser Han van Meegeren.


Gebruiken rond handtekeningen 
Bij het ondertekenen van internationale verdragen krijgt elke verdragspartner een ondertekende kopie. In veel gevallen krijgt elke verdragspartner volgens eeuwenoud diplomatiek gebruik een officiële kopie waarin de handtekening van zijn eigen land bovenaan staat. Op die manier werden politieke gevoeligheden ten aanzien van rang en stand vermeden. Dit gebruik heet alternaat.

dinsdag 20 juni 2017

300 miljoen S'werelds Duurste Schilderij | Willem de Kooning (1904-1997)

Het van oorsprong Nederlandse schilder Willem de Kooning (1904-1997) heeft tot nu toe het duurste schilderij ooit op zijn naam staan. Zijn werk Interchange (1955) werd in september 2015 voor bijna 279 miljoen euro verkocht. Het ging hier om een onderhandse verkoop, waarbij geen veilinghuis betrokken was. 

(Wie een kunstwerk uit de buitencategorie wil verkopen, laat het niet op een veiling aankomen. Van de (voor zover bekend) tien duurste schilderijen ter wereld zijn er acht, waaronder de zes duurste, via onderhandse verkopen van eigenaar verwisseld.)


Het schilderij is gekocht door  Ken Griffin (geboren 15, 1968) een Amerikaanse investeerder. Hij is eigenaar van het meest succesvolle investeerders bedrijf Citadel. (opgericht in 1990). Het bedrijf word geschat op een waarden van maar liefst $25 billion.

Ken Griffin
Willem de Kooning
 KOONING, Willem de (1904-1997)

Kooning, Willem de, schilder en beeldhouwer (Rotterdam 24-4-1904 - East Hampton (New York, Verenigde Staten) 19-3-1997). Zoon van Leendert de Kooning, groothandelaar in dranken, en Cornelia Nobel, caféhoudster. Gehuwd op 9-12-1943 met Elaine Marie Fried (1918-1989), schilderes en kunstcritica. Dit huwelijk bleef kinderloos. Uit een relatie met Joan Ward, reclametekenares, werd 1 dochter geboren. De Kooning kreeg op 13-3-1962 de Amerikaanse nationaliteit.

Willem de Kooning werd geboren in armelijke omstandigheden in een arbeidersbuurt in Rotterdam-Noord. Hij was het vijfde en jongste kind in een mislukt huwelijk. Behalve zijn oudste zuster stierven de overige kinderen kort na de geboorte. Toen hij twee jaar was gingen zijn ouders uit elkaar. Willem werd grootgebracht door zijn opvliegende en hardhandige moeder en haar nieuwe echtgenoot, die onder meer als caféhouder moeizaam probeerde in zijn bestaan te voorzien. Na de lagere school moest Willem gaan werken. Omdat hij goed kon tekenen, kwam hij in 1916 als jongste bediende terecht bij een firma in binnenhuisarchitectuur.

De gebroeders Gidding specialiseerden zich in luxueuze interieurverzorging. Jaap Gidding, later zelf een bekend sierkunstenaar uit de Nederlandse 'art déco', zag iets in zijn jeugdige medewerker en liet hem vanaf 1917 in de avonduren, na gedane arbeid bij het bedrijf, op zijn kosten een kunstopleiding volgen. Op de Rotterdamse Academie van Beeldende Kunsten en Technische Wetenschappen kreeg De Kooning een gedegen traditionele scholing in het tekenen en schilderen. Door docenten als de graficus en schilder Jac. Jongert en de typograaf en industrieel ontwerper Piet Zwart kwam hij daarnaast in aanraking met modernistische denkbeelden over de toegepaste kunst. Tot 1922 zou hij hier, met onderbrekingen, lessen blijven volgen.

Intussen was De Kooning in 1920 als werknemer overgestapt naar Bernard Romein, die in Rotterdam winkelinrichtingen en etalages verzorgde. De Kooning hield zich toen vooral met belettering bezig. Maar Romein attendeerde hem ook op het werk van de schilder Piet Mondriaan en nieuwe kunststromingen als De Stijl en het Bauhaus. Nog vele jaren bleef De Kooning ervan overtuigd dat hij zijn toekomst moest zoeken in de moderne vormgeving en ontwerpkunst. In 1924/1925 verbleef hij met twee schilderende vrienden een aantal maanden in Brussel, waar hij zich in leven hield met het maken van uithangborden en portretten.

Na terugkeer in Nederland besloot De Kooning zijn geluk nog verder weg te beproeven. Er was thuis weinig dat hem bond. In 1926 maakte hij als verstekeling aan boord van het Britse vrachtschip SS 'Shelley' de overtocht naar de Verenigde Staten. Hij was toen 22 jaar en sprak geen woord Engels. Hij voelde zich tot Amerika aangetrokken - zo zei hij later - door wat hij ervan in bioscoopfilms had gezien, in het bijzonder de vrouwen. Het eerste jaar woonde hij in een tehuis voor Nederlandse zeelieden in Hoboken (New Jersey), maar in 1927 vond hij een onderkomen in Manhattan.

De Kooning hoopte in New York als reclameontwerper en etaleur aan de slag te kunnen, maar tot zijn verbazing merkte hij al snel dat hij als zodanig minder verdiende dan in het bouwbedrijf. Hij nam daarom nog lange tijd opdrachten aan als timmerman en huisschilder. Daarnaast begon hij te experimenteren met de vrije schilderkunst. Zijn vrienden zocht 'Bill' bij voorkeur in het New-Yorkse kunstenaarsmilieu, zoals de kunsttheoreticus John Graham, en de schilder Arshile Gorky. Velen van hen waren immigranten als hijzelf, die in de Verenigde Staten belangstelling probeerden te wekken voor de nieuwste Europese kunststromingen. In het gezelschap van deze uitbundige en welbespraakte mannen maakte De Kooning soms een wat timide indruk. Hij zou het Engels nooit helemaal machtig worden; zijn leven lang hield hij een zwaar Nederlands accent. Over zijn status en ambities als kunstenaar verkeerde hij voortdurend in twijfel, nog eens te meer toen hij eindelijk als reclametekenaar een goed salaris kon vragen. Hij genoot van de kameraadschap in het 'vie de bohème', maar liet zich niet binden, ook niet door een van zijn talrijke vriendinnen.

In 1935 introduceerde de regering van president F.D. Roosevelt, in het kader van de Works Progress Administration (WPA), het Federal Art Program, bedoeld om werkloze kunstenaars financieel te steunen en aan opdrachten te helpen. Ofschoon hij niet werkloos was en er in inkomen zelfs op achteruit zou gaan, meldde De Kooning zich als deelnemer. Het programma gaf hem de mogelijkheid zich bij wijze van proef volledig aan de beeldende kunst te wijden. De opdrachten bestonden grotendeels uit het maken van wandschilderingen in openbare gebouwen. Zo ontwierp hij onder leiding van de Franse modernistische schilder Fernand Léger een muurdecoratie voor de ontvangsthal van een scheepvaartmaatschappij, die echter nooit werd uitgevoerd. In 1936 was er voor het eerst in het openbaar werk van De Kooning te zien op een door het WPA-programma gehouden expositie in het Museum of Modern Art in New York. Toen hij in 1937 ontslag moest nemen, omdat het project werd gesloten voor niet-Amerikaanse kunstenaars, hield hij vast aan zijn eerder genomen besluit. Voortaan was hij alleen nog kunstschilder.

Van de politieke twisten die de links-georiënteerde Amerikaanse kunstwereld aan het eind van de jaren dertig verdeelden, hield De Kooning zich afzijdig. In een ideaal van proletarische solidariteit kon hij zich goed vinden, maar hij had een afkeer van theoretische scherpslijperij. Zijn kunstopvatting was even weinig dogmatisch. De indertijd door velen als dwingend voorgestelde keuze tussen figuratie en abstractie legde hij naast zich neer. Hij bleef beide typen kunst naast elkaar beoefenen, op een vergelijkbare manier als de Spaanse schilder Picasso, een van zijn grote voorbeelden. In 1938 begon De Kooning met zijn eerste reeks melancholieke staande mannen- en vrouwenfiguren. Daarnaast maakte hij ook zuiver abstracte schilderijen, waarin echter toch altijd nog herinneringen aan een landschap waren te vinden, of in elk geval een suggestie van ruimte. De Kooning noemde later de ruimte zelfs het hoofdthema van zijn werk.

Over zijn prestaties was De Kooning steeds zeer kritisch, maar door zijn collega's werden zijn schilderijen als verrassend en vernieuwend ervaren. Hij leek de meest uiteenlopende invloeden te kunnen verwerken en toch de anderen steeds een stap voor te zijn. Tegen het einde van de jaren dertig kreeg De Kooning de reputatie van een 'painter's painter'. Zijn kennissenkring breidde zich uit. Omstreeks 1938 maakte hij kennis met schilders als Stuart Davis, Franz Kline en Barnett Newman. Enkele jaren later kwam hij voor het eerst in contact met de schilders Jackson Pollock en Mark Rothko. Hij bevond zich nu in het middelpunt van de New-Yorkse avant-garde en liet zich meeslepen in de sfeer van wedijver die daar heerste.

Op vrouwen oefende De Kooning met zijn robuuste, openhartige en tegelijk wat verlegen voorkomen een grote aantrekkingskracht uit; volgens sommigen leek hij wel op een filmster. Hij knoopte gemakkelijk verhoudingen aan, maar brak die even onbekommerd weer af. In 1938 ontmoette hij twee kunststudentes, de zusters Elaine en Marjorie Fried, die geregeld voor hem poseerden. Met de twintigjarige Elaine, zelf een getalenteerd schilderes, begon hij een gepassioneerde en tumultueuze verhouding, die zich over vele jaren uitstrekte. In 1943 trouwden zij, en al gingen zij omstreeks 1955 uit elkaar, zij zijn nooit formeel gescheiden. Behalve als kunstenares werkte Elaine ook als kunstcritica. Met haar publicaties en haar vele sociale contacten heeft zij niet alleen veel gedaan voor haar eigen bekendheid, maar ook voor de roem van De Kooning.

In financieel opzicht is de periode vanaf de Tweede Wereldoorlog tot het begin van de jaren 1950 voor De Kooning de zwaarste tijd geweest. In 1946 maakte hij uit geldgebrek een reeks grote abstracte doeken met zwarte en witte kozijnlak, de goedkoopste verf die hij kon krijgen. Met deze schilderijen kreeg hij in 1948 zijn eerste eenmanstentoonstelling in de galerie van Charles Egan in New York. Aangemoedigd door positieve kritieken zette hij de reeks voort met een aantal met brede en energieke gebaren geschilderde abstracties in felle kleuren. Maar het publiek bleef nog lang afwachtend tegenover de nieuwe stroming in de Amerikaanse schilderkunst, die weldra de naam 'abstract expressionisme' kreeg. In 1948 vulde De Kooning zijn inkomen aan door lessen te geven aan het experimentele Black Mountain College in Noord-Carolina, waar hij samenwerkte met de uit het Bauhaus afkomstige Josef Albers en met de componist John Cage. In 1950/1951 doceerde hij aan de Yale University School of Art.

De internationale roem van De Kooning dateert vanaf 1953, toen hij in de galerie van Sidney Janis in New York zijn reeks 'Vrouwen' tentoonstelde. Deze grote, ogenschijnlijk met ruwe hand vervaardigde doeken, waar de verf vanaf leek te spatten, trokken zowel door de stijl als door het onderwerp algemeen de aandacht. Sommige puristische critici beschouwden het figuratieve element als een stap achteruit, terwijl anderen zich geschokt voelden door de agressieve en in hun ogen vulgaire behandeling van het vrouwelijk naakt. Maar velen bewonderden deze werken als uitingen van een stoere, authentiek Amerikaanse viriliteit of - subtieler - als expressie van de existentiële conflicten van de moderne man. De Kooning zelf hield zich verre van zulke interpretaties. Hij vond zijn voorbeelden in filmaffiches, straat- en krantenreclames, en legde zo een band met de cultuur van alledag, die niet veel later een hoofdthema in de Amerikaanse kunst zou worden.

Na de dood van Jackson Pollock in 1956 was De Kooning volgens de criticus Thomas Hess 'de invloedrijkste levende kunstenaar ter wereld'. Zijn reputatie werd ondersteund door een aantal invloedrijke auteurs, onder wie naast Hess ook Harold Rosenberg en Meyer Schapiro. Woman I was al in 1954 aangekocht door het Museum of Modern Art. De Koonings kleurgebruik en penseelvoering werden op grote schaal nagevolgd. Hij kon nu voor zijn schilderijen forse prijzen vragen. In 1959 woonde hij een aantal maanden in Rome, waar hij als een Amerikaanse 'star' werd opgenomen in de toenmalige jetset.

Na de 'Vrouwen'-serie maakte De Kooning opnieuw een reeks min of meer abstracte landschappen met een steeds bredere toets en een geleidelijk lichter wordend palet. Zijn schilderijen leken uitbarstingen van spontane energie, maar zij waren in werkelijkheid resultaat van langdurig nadenken en experimenteren. De Kooning kon een werk maar moeilijk als voltooid beschouwen. Hij begon vaak van voren af aan op hetzelfde doek. Om zijn aarzelingen te overwinnen nam hij meer en meer zijn toevlucht tot de drank. Perioden waarin hij zich opsloot in zijn atelier werden afgewisseld met dagen waarin hij beschonken over straat zwierf en soms letterlijk uit de goot moest worden gehaald. Toch ging hij telkens met hernieuwde gedrevenheid aan de arbeid. Een belangrijk emotioneel houvast vond hij in zijn dochter Lisa, die in 1956 was geboren uit een relatie met de tekenares Joan Ward, die hij vier jaar eerder had ontmoet.

Toen hij het zich eenmaal kon veroorloven, reisde De Kooning geregeld heen en weer tussen Manhattan en de oostkust van Long Island, waar veel welgestelde New Yorkers de zomer doorbrachten. Het landschap onderweg inspireerde hem in 1957 en 1958 tot een reeks 'Highway paintings'. In juni 1963 besloot hij zich definitief op het eiland te vestigen. Hij kocht een huis in Springs nabij East Hampton en liet er naar eigen ontwerp een groot modern atelier bouwen. Hier maakte hij een opnieuw geruchtmakende serie doeken met frontaal en agressief uitgebeelde vrouwenfiguren aan de waterkant. In 1969 - na een reis door Europa, waarin hij in 1968 ook, voor het eerst na 43 jaar, kort Nederland aandeed - begon hij met het boetseren van sculpturen. De plastische werkzaamheid beschreef hij als een 'reizen in de ruimte'. Tussen 1972 en 1974 onderbrak hij het schilderen zelfs geruime tijd en was hij alleen nog actief als beeldhouwer. Maar vervolgens keerde hij terug tot de landschapskunst, in een serie schilderijen die bekend zijn geworden als uitbeelding van het 'Noord-Atlantisch licht'.

Na 1977 kreeg De Kooning toenemende problemen met zijn geheugen. Zijn vrouw Elaine Fried, met wie hij al sinds het midden van de jaren vijftig niet meer samenleefde, nam nu de organisatie van zijn leven opnieuw op zich. Zij had zelf met succes een ontwenningskuur ondergaan, en wist haar man zover te krijgen dat hij het drinken definitief opgaf. De Koonings verstandelijke vermogens bleven echter afnemen. Toen Elaine - die zijn toestand voor de buitenwereld verborgen had willen houden - in februari 1989 was gestorven werd bij hem de ziekte van Alzheimer vastgesteld. De jaren daarvóór had hij in een ongewoon hoog tempo en in een afwijkende stijl echter nog ongeveer driehonderd schilderijen gemaakt. Dit deel van zijn oeuvre is altijd controversieel gebleven. Sommigen herkenden in dit werk een laatste fase van uiterste concentratie, maar anderen beschouwden het als commercieel maakwerk - ten dele vervaardigd door assistenten - van een kunstenaar die niet langer zichzelf was. Tot aan zijn dood in 1997, op 92-jarige leeftijd, is De Kooning, op het laatst volledig hulpbehoevend, verpleegd in zijn atelier in East Hampton.

De levensgeschiedenis van Willem de Kooning, van jongste bediende tot miljonair, is vaak naverteld als een typisch Amerikaans succesverhaal. Hij was een van de best betaalde kunstenaars van zijn tijd. Zijn schilderijen, vooral die uit de jaren 1950 en 1960, brengen op veilingen nog steeds astronomische bedragen op. Nadat hij in 1962 de Amerikaanse nationaliteit had aangenomen, kreeg De Kooning in 1964 uit handen van president L.B. Johnson de Presidential Medal of Freedom. In 1986 werd hem door de regering van president R.W. Reagan de National Medal of Arts toegekend, de hoogste kunstonderscheiding in de Verenigde Staten. Maar al genoot hij van het leven in Amerika en van de erkenning die hij daar kreeg, toch bleef De Kooning alleen al door zijn spraak als Nederlander herkenbaar. De kust van Long Island, met zijn duinen en wijde luchten, ervoer hij als een geïdealiseerd Hollands landschap. Hij ging er graag fietsen langs het strand. In de Nederlandse musea is zijn oeuvre relatief goed vertegenwoordigd. De kunstafdeling van de Academie van Beeldende Kunsten en Technische Wetenschappen in Rotterdam werd in 1998 de Willem de Kooning Academie genoemd.

A: Archief-Willem de Kooning in Archives of American Art, Smithsonian Instititution te Washington D.C (Verenigde Staten).

P: The collected writings of Willem de Kooning. Uitgeg. door George Scrivani (New York 1988).

L: Thomas B. Hess, Willem de Kooning (New York 1959); Harold Rosenberg, De Kooning (New York 1974); Willem de Kooning. Het Noord-Atlantisch Licht 1960-1983. Onder red van Edy de Wilde [e.a.] (Amsterdam 1983); Sally Yard, Willem de Kooning. The first twenty-six years in New York (New York 1986); Diane Waldman, Willem de Kooning (New York 1988); Lee Hall, Willem de Kooning & Elaine Fried. Portret van een huwelijk [Vert. uit Engels] (Haarlem 1993); Amei Wallach, 'The private face of the master', in The New York Times, 30-3-1997; Cornelia H. Butler [e.a.], Willem de Kooning. Tracing the figure (Los Angeles 2002); Barbara Hess, Willem de Kooning. Het wezen van de vluchtige blik (Keulen 2004); Bernhard M. Bürgi [e.a.], Willem de Kooning. Paintings, 1960-1980 (Bazel 2005); Ingried Brugger [e.a.], Willem de Kooning (Zwolle 2005); Mark Stevens en Annalyn Swan, De Kooning. Een Amerikaanse meester [vert. uit Engels] (Amsterdam 2006)). Op 9-12-1983 zond het Humanistisch Verbond de televisiedocumentaire Willem de Kooning en het onverwachte van Erwin Leiser uit. Op 7-10-1984 zond de NOS de televisiedocumentaire De Kooning over De Kooning van Courtney Sale uit.

I: Mark Stevens en Annalyn Swan, De Kooning. Een Amerikaanse meester [vert. uit Engels] (Amsterdam 2006) omslagfoto.

W.E. Krul

maandag 22 mei 2017

How to Clean a Painting / Hoe schilderij schoonmaken.

Cleaning an oil painting might best be left to the professionals, so if the painting has extreme monetary or sentimental value it may be a good idea to take it to a pro.  If you’re willing to give cleaning it a try yourself, this method should be a safe one but you must take your time and follow all directions carefully.


You Will Need:

  • Neutralizer N-11 or similar
  • Emulsion Cleaner EM-21E or similar
  • Large sheet of clean paper
  • Cotton balls
  • Cotton swabs with long (6″) wooden handle
  • Varnish for Oil Paintings (optional)
Hoe oude vernis- en vuillagen verwijderen ? De oorspronkelijk kleuren komen hierdoor beter tot hun recht. Voor de restauratie wordt gebruik gemaakt van materialen die hun kleur en textuur behouden en in de toekomst altijd weer zijn te verwijderen.
Na een uitgebreid vooronderzoek zal de restauratie worden uitgevoerd in zes stappen: 1. De verwijdering van de vergeelde vernislaag en de grijzige laag oppervlaktevuil op en onder het vernis. Vervolgens het vastzetten van loszittende verfdeeltjes. 2. De verwijdering van oude verkleurde retouches, overschilderingen en vullingen in de verflaag. 3. Het aanbrengen van een tussenvernislaag. 4. De beschadigingen in het doek en de verflaag waar nodig weer vlak maken, bijvullen en structuur aanbrengen. 5. Retoucheren. 6. Aanbrengen van een slotvernis indien nodig.

Steps to Remove the Residue: De vuillagen verwijderen:


  1. Lay the painting face up on a large sheet of paper. (If you have anything you can place under the canvas of the painting to keep it from stretching downward as you apply gentle pressure, it will help to protect your artwork.)
  2. Apply neutralizer to a piece of cotton. Wipe it over the surface of the painting, changing dirty cotton balls as needed, to clean away surface dust or dirt. Although the neutralizer should be perfectly safe, begin in a corner to test it before you cover the entire painting.
  3. Use a cotton swab to test the emulsion cleaner in a corner of the painting. If the painting does not pass the spot test, stop now and call in a professional restorer. If the painting does pass the spot test, continue to the next step.
  4. Clean in small sections, about 3-4″ square at a time, by rolling the cotton swab with emulsion cleaner over the surface using only gentle pressure. Do NOT scrub, the rolling motion is very important.
  5. After you clean each section, go back over it with the neutralizer on a cotton ball. Make sure you work in sections small enough so that the emulsion cleaner does not dry on the surface before you use the neutralizer. This is an important step. You must neutralize the cleaning agent in order to prevent possible damage to the painting.
  6. If desired, finish with a gloss varnish to preserve and protect the painting.

zaterdag 20 mei 2017

Hoe kunst schilder achterhalen zonder signature / handtekening ?

Tal van schilderijen hebben geen handtekening. Men moet ze dan aan een kunstenaar toeschrijven, er een auteurschap aan toekennen. Als dit onmogelijk is spreekt men van een anoniem kunstenaar en preciseert men de eeuw en de school (bijv.: Vlaamse school, XVIde eeuw). Vaak kan men echter toch een band met een kunstenaar vaststellen. De ene keer staat deze band vast en dan zegt men dat het werk ‘van’ of ‘door’ Rubens is. De andere keer is deze band minder zeker. Als een lichte twijfel blijft bestaan, zegt men dat het werk ‘toegeschreven’ wordt aan Rubens. Als men oordeelt dat het werk niet van de meester is, maar van één van zijn leerlingen, dan spreekt men van ‘het atelier van’ Rubens. Als men denkt dat de band minder strikt is, dat wil zeggen dat het schilderij dateert uit de periode van de meester en door hem geïnspireerd werd, maar toch niet van hem of van zijn atelier is, dan spreekt men van de ‘entourage van’ Rubens of nog van ‘een navolger’ van Rubens. Als het werk ten slotte dateert uit een periode na Rubens (en soms met een verschil van verschillende eeuwen) dan spreekt men van een schilderij ‘in de stijl van’ of ‘volgens de wijze van’, of nog ‘naar’.

Een expertise bestaat uit twee stappen die niet met elkaar verward mogen worden.

De expert begint met het beschrijven van het kunstwerk. Daarbij moet hij een antwoord geven op de vraag of hij het voor echt kan verklaren en in sommige gevallen ook op de vraag aan wie het dient te worden toegeschreven. Pas als hij dat allemaal heeft nagegaan, kan hij overgaan naar de tweede stap, de schatting.
Voor de eerste stap moet je vertrouwd zijn met de kunstgeschiedenis, voor de tweede met de kunstmarkt. Een expert moet de mechanismen van het marktgebeuren door en door kennen en de gegevens op het internet juist kunnen analyseren. De informatie die daar gemakkelijk beschikbaar is, ook al moet je ervoor betalen, voetstoots aannemen is de beste manier om te laag te schatten en dus bij de verkoop verlies te doen, of om te hoog te schatten, wat op hetzelfde neerkomt, want dan is het risico groot dat het niet tot een transactie komt.
Bovendien moet een expert bescheiden blijven. Hij mag voor het schatten van een werk in principe dan al beter geplaatst dan zijn klant, als hij meent op alle gebieden deskundig te zijn, kun je ervan op aan dat hij op elk gebied ondeskundig is. Je kunt toch niet tegelijk alles afweten van zo uiteenlopende materies als oude schilderijen, zilverwerk, tapijten en oude meubelen? Althans, zo denken wij over expertise

Het schatten van een kunstwerk is geen exacte wetenschap. Dé waarheid bestaat hier niet.

Het woord ‘schatten’ zegt goed waar het om gaat: de waarde die de expert naar voren schuift, berust op een aantal onzekerheden en veronderstellingen. Omdat elk kunstwerk uniek is, gaat de expert op zoek naar werken die er zo veel mogelijk kenmerken mee gemeen hebben en recent openbaar of privé (voor zover hij dit laatste kan nagaan) werden verkocht. Alleen hij kan op grond van zijn ervaring de gegevens op databanken op het internet juist interpreteren.
Elk kunstwerk heeft twee waarden. Zoals een financieel product een verkoopkoers en een aankoopkoers heeft, zo heeft een kunstwerk een verkoopwaarde en een aankoopwaarde. Het verschil tussen de prijs die voor een werk wordt gevraagd en het bedrag dat ditzelfde werk u zou opleveren als u het om een of andere reden zou verkopen, is het verschil tussen zijn ‘aankoopkoers’ en zijn ‘verkoopkoers’ of met andere woorden de winst die bij het verhandelen wordt gemaakt.
Kortom, als u een werk wilt laten schatten in het kader van een erfenis of een verdeling, omdat u het wilt laten verzekeren of omdat u voor een belangrijke aankoop staat, is een beroep doen op een expert de enige manier om inlichtingen te bekomen die te betrouwen zijn, vertrouwelijk blijven en toegespitst zijn op uw situatie.

bron:  http://bounameaux.com/nl/index.html#expertise

Heeft uw schilderij wel een signature kijk dan hier: http://kunst-schilder.blogspot.nl/2015/05/hoe-een-schilder-achterhalen.html  

De volgende boeken zijn aan te raden:

dinsdag 5 mei 2015

Hoe een kunstschilder achterhalen?

Hoe kunt u het snelste een kunst schilder achterhalen van een schilderij? hierbij een aantal handige tips.Wanneer het signatuur redelijk leesbaar is maar niet helemaal, gebruik dan het gedeelte dat u wel goed kunt lezen. Hierbij een mooi voorbeeld. Dit was een schilderij dat ik laatst nog had opgezocht.


Het signatuur is redelijk onleesbaar. Er zijn wel een aantal letters die wel goed zijn te lezen. zoals de F & Chatt. Dit zijn dan ook de letters waarmee ik ga zoeken. Om te beginnen zoek ik bij een lijst met Nederlandse kunst schilders omdat dit nauw eenmaal een schilderij is dat is gekocht in Nederland.
Er zijn verschillende site's waar dit te vinden is maar voor het gemak heb ik een lijst met Hollandse schilders op deze blog geplaatst ->.

klikhier: LIJST ALFABET BELGISCHE SCHILDERS 
klikhier: LIJST ALFABET HOLLANDSE SCHILDERS 
Klikhier: als er niks in de lijst voor komt 
Click here: LIST ALPHABET DUTCH PAINTERS
klikhier: LIJST MET OUDE MEESTERS UIT HOLLAND (15de, 16de en 17de eeuw)  

 
Zodra u op de site bent zoekt u snel en gemakkelijk door middel van de zoek optie.
CTRL + SHIFT + F 
Er verschijnt nu een zoek venster, hierin typt u uw duidelijk leesbare letters uit het signatuur.LET OP! de leesbare letters dienen wel naast elkaar te staan in het signatuur. Bij het voorbeeld was dit "chatt" Er zullen een aantal namen gevonden worden. Vergelijk deze namen met het signatuur en mogelijk vind u de juiste. Bij het voorbeeld van de schilder kwam duidelijk naar voren het gedeelte "chatt" en het zoek resultaat had dan ook direct een match met de juiste schilder.


 Rossum du Chattel van Frederic Jacobus  1856-1917

Nu kunt u gemakkelijk met behulp van google achter halen wie de schilder is dat match. Op internet is tegenwoordig veel te vinden zo ook wat voorn schilder het is. Of het schilderij dat u heeft, overeenkomt met de werkend van de gevonden schilder. En natuurlijk of het signatuur overeenkomt met de gevonden schilder. Zo is al snel te vinden dat de schilder vaak zijn handtekening zet met "Fred.F.du Chattel".


Het schilderij dat ik opzocht was echter anders. "n.F.J.du Chattel". Veel schilderijen zijn vaak na geschilderd van grote meesters. De schilderijen werden dan vaak gesigneerd met een letter N ervoor dit wil zeggen geschilderd Naar. Door google af te zoeken met de schilder is er veel te vinden. Zo ook het originele werk van van du chattel.

Het na gemaakte werk van du chattel: 


De Utrechtse Vecht en haar omgeving inspireerden F.J. van Rossum du Chattel tot het schilderen van talloze impressies van deze rivier, reden waarom hij door critici ‘de schilder van de Vecht' werd genoemd. Ook schilderde hij het landschap rond Den Haag. Hij werd in 1856 geboren in Leiden, kreeg zijn eerste schilderlessen van zijn vader, Jan Hendrik van Rossum du Chattel, en werkte daarna in Den Haag op het atelier van de Haagse impressionist Willem Maris. Musea: o.a. Het Haags Gemeentemuseum.

Heeft uw schilderij geen signature kijk dan hier: Hoe kunst schilder achterhalen zonder signature / handtekening achterhalen ?


video

zaterdag 11 april 2015

Gerardus Joannes Cox 1864 -1931 Pastel

Gerardus Joannes Cox was de schilder van het ongerepte landschap. Schilderde en tekende in een impressionistische stijl .Woonde en werkte in de omgeving van Mook.Signeerde op latere leeftijd met een dubbele streep om verwarring met zijn ook schilderende zoon Gerard te voorkomen.
Het pastel zit achter glas en is in goede staat.
Afmetingen :
breed 64 cm met lijst 70,5 cm                                                                                                  
hoog   49 cm met lijst 55,5 cm

Mooi Pastel - Bos gezicht met Beek






Lucia Kollbach-Lux (1890-1972)

Oostenrijks bergdorp - gesigneerde aquarel

Lucia Kollbach-lux - 1890-1972
aquarel

Lucia Kollbach-lux was kunstschilder uit Bichlbach Tirol Oosterijk.
Zij is vooral bekent van haar berglandschappen maar schilderde ook stillevens.
Veel van haar berglandschappen zijn gebruikt voor afbeeldingen op ansichtkaarten.

Afmetingen:
de binnen maten zijn 39,5 cm x 30 cm
de maten met lijst 46,5 cm x 37 cm.

Lucia Kollbach-Lux
Bijschrift toevoegen

Lucia Kollbach-Lux

Lucia Kollbach-Lux


Verkocht via veiling: 06-04-2015 21:18:14 €60,-

Lucia Kollbach-lux - 1890-1972


Berglandschap - olieverf op paneel (schilders board) - gesigneerd

Lucia Kollbach-lux - 1890-1972

Lucia Kollbach-lux was kunstschilder uit Bichlbach Tirol Oosterijk.
Zij is vooral bekent van haar berglandschappen maar schilderde ook stillevens.
Veel van haar berglandschappen zijn gebruikt voor afbeeldingen op ansichtkaarten.

Afmetingen:
de binnen maten zijn 31 cm x 40 cm
de maten met lijst 39 cm x 47 cm.






Verkocht 12-03-2015 21:46:24 €205,-